Daantje zou naar school toe gaan
Maar hij bleef gedurig staan,
Hier te kijken, daar te turen,
En het kon niet lang meer duren
Dan zou 't klokje negen slaan...
Jongen! Jongen! stap toch aan.

Daantje bleef te lang op straat,
Daantje kwam in school te laat.
Daarom moest hij 's middags blijven
En een hele lei vol schrijven;
And'ren speelden, Daantje niet...
Jongen! Jongen! wat verdriet.